Nederlands – Vlaamse woordenlijst

We schijnen dezelfde taal te spreken, maar voor de zekerheid houden we hier een lijstje bij omdat de verschillen soms nogal bijzonder zijn. Een Nederlands – Vlaams geheugensteuntje.

Nederlands - Vlaams woordenboek van ComBron.

Wij Nederlanders zijn doorgaans niet erg goed in de omgang met onze zuiderburen. We denken van wel, maar we hebben het mis. Het is niet zozeer een gebrek aan sensitiviteit. Sommige collectieve eigenschappen van onze buren zijn niet of nauwelijks bij ons bekend. Het kennen van de verschillen tussen Nederlanders en Vlamingen zou ons sieren. Tot die tijd doen we er goed aan om verwarringen te voorkomen omdat niet alle woorden door de volken op dezelfde manier worden uitgelegd.

Nederlands-Vlaamse woordenlijst

A

aardappel

patat

afslag

veiling

B

bangelijk

angstig

bedrieger

aaszaak

beknopt

gebald

broodje gezond

smoske

C

centimeter, rolmaat

lintmeter

centrifuge

droogzwierder

conciërge

huisbewaarder

controle

nazorg

D

daarginds

ginder

doel bereikt hebben

(in de) sacoche zijn

dubbel en dwars

dubbel en dik

E

elastiekje

rekkertje

F

fantastisch, opperbest

bangelijk

G

gaatje laten vullen

tand laten plomberen

glijbaan

schuifaf

grapefruit

pompelmoes

H

hagelslag

muizenstrontjes

hardop

luidop

honorarium

ereloon

I

inkakken

klopke krijgen

invulling moeten geven aan

het brood moet nog gesneden worden

J

jam

confituur

je, jij

gij

jurk

kleedje

jus d’orange

fruitsap

K

kantoor

bureel

kat op het spek binden, de

de kat bij de melk zetten

korting

afslag

L

lolly

lekstok

M

mafkees

kwistenbiebel

make-up

schmink

markeerstift

fluostift

menstrueren

de regels hebben

mentor

klastitularis

milieupark

container

N

namiddag

nanoen of achternoen

nieuwsgierig

curieus

nootmuskaat

muskaatnoot

O

ongesteldheid

maandstonden

onhebbelijk

ambetant

onvoldoende halen, een

buizen

onzin uitkramen

zwanzen

P

patat

friet

patatkraam

frietkot

plakband

klevertje

poepen

je behoefte doen

punaise

duimspijker

Q

R

richtingaanwijzers

pinkers

roestvrij staal, roestvast staal

inox

röntgenfoto’s laten maken

platen laten trekken

S

schoonmaken

kuisen

schoteltje

ondertas

sinaasappel

appelsien

speculaas

speculoos

studentenkamer

kot

T

tosti

croque-monsieur

tuig van de richel

crapuul

U

ui

ajuin

uit de school klappen

uit de biecht klappen

uitsmijter (portier)

buitenwipper

V

vast en zeker

zeker en vast

verkoudheid

valling

verwarming

chauffage

voor de gek houden

met iemands voeten spelen

vrijen (de liefde bedrijven)

poepen

W

wasknijper

wasspeld

werkeloosheidsuitkering

dopgeld

X

IJ

Z

zin hebben

goesting

zo oud als de weg naar Kralingen

zo oud als de straat

zoab (zeer open asfaltbeton)

fluisterbeton

Vlaams – Nederlandse woordenlijst

Op de Vlaamse website van ComBron hebben we een Vlaams – Nederlandse woordenlijst.

Bronnen en lezenswaardigheden